16 afleveringen
- Nederland kent veel duurzame initiatieven in de bouw, maar hoe zorgen we dat succesvolle innovaties ook op grotere schaal worden toegepast? In deze aflevering van In groen beton gegoten gaat Harm Edens in gesprek met Martijn Bakker, partner bij projectontwikkelaar Lingotto, en Brechtje van den Beuken-van den Bosch, mede-directeur van Bosch Beton. Over duurzaam ondernemen, samenwerking in de keten en nieuwe verdienmodellen die de bouwsector kunnen veranderen.
Volgens Bakker staan financiële belangen en duurzaamheidsambities bij projectontwikkeling regelmatig op gespannen voet. De manier waarop de sector werkt, stimuleert niet altijd de meest duurzame keuzes. Lingotto probeert daarom projecten op een verantwoorde manier te ontwikkelen, waarbij duurzaamheid een belangrijke plaats krijgt.
Ook bij Bosch Beton vormt duurzaamheid een belangrijk uitgangspunt. Zeven jaar geleden nam Van den Beuken-van den Bosch samen met haar broer het familiebedrijf over. Ze kozen voor een nieuwe koers waarin duurzaamheid centraal staat. Als familiebedrijf hebben ze de ruimte om beslissingen te nemen die op korte termijn misschien minder opleveren, maar op langere termijn bijdragen aan hun duurzaamheidsdoelen.
Toch blijft het lastig om duurzame innovaties breed toe te passen. Nederland kent veel initiatieven, maar de kennis en ontwikkelingen zijn versnipperd. Daardoor weten bedrijven niet altijd wat er elders in de keten gebeurt. Volgens Van den Beuken-van den Bosch ligt hier een belangrijke rol voor het Betonakkoord: partijen samenbrengen, kennis delen en samenwerking stimuleren. Want geen enkele partij kan de verduurzaming van de bouwsector alleen realiseren.
Bakker onderzoekt ondertussen een ander verdienmodel: Building as a Service. Daarbij blijven bouwonderdelen eigendom van de leveranciers, in plaats van dat ze definitief worden verkocht aan de gebouweigenaar. Dit kan leveranciers stimuleren om materialen en producten zo te ontwerpen dat ze lang meegaan en opnieuw kunnen worden gebruikt. Of dit model in de praktijk gaat werken, is nog onzeker. Maar volgens Bakker moeten we bereid zijn bestaande werkwijzen ter discussie te stellen om verder te komen.
Hoe zorgen we dat duurzame initiatieven niet op zichzelf blijven staan, maar uitgroeien tot de nieuwe standaard? En durven bedrijven hun manier van samenwerken en verdienen aan te passen om de verduurzaming van de bouwsector te versnellen? - Hoe circulair is de betonbouw eigenlijk? En hoe zorgen we dat gebouwen en materialen ook daadwerkelijk opnieuw worden gebruikt? In deze aflevering van In groen beton gegoten gaat Harm Edens in gesprek met Menno Rubbens, projectontwikkelaar en directeur van cepezedprojects, en Sven Hiskemuller van der Zijden, directeur van SL Materials. Over losmaakbaar bouwen, hergebruik van beton en het verschil tussen duurzame ambities en de praktijk.
De meest circulaire oplossing is volgens Rubbens om bestaande betonnen gebouwen zo lang mogelijk te blijven gebruiken. Als dat niet meer kan, biedt het hergebruik van betonnen elementen een goed alternatief. Hiskemuller van der Zijden onderschrijft dat uitgangspunt, maar wijst ook op de beperkingen. Veel bestaande gebouwen zijn niet ontworpen voor langdurig hergebruik en door bijvoorbeeld betonrot kan vervanging of sloop uiteindelijk noodzakelijk zijn.
Volgens Rubbens begint circulair bouwen daarom al bij het ontwerp. Door gebouwen losmaakbaar te ontwerpen, kunnen onderdelen later eenvoudiger worden vervangen of opnieuw worden gebruikt. Cepezed past dit principe al sinds de oprichting toe. Onderdelen worden afzonderlijk ontworpen en geproduceerd en vervolgens op de bouwplaats samengevoegd. Een voorbeeld is de tijdelijke rechtbank, waarvoor cepezed een permanent gebouw ontwierp dat na het gebruik als rechtbank een andere bestemming kon krijgen.
Bij SL Materials ligt de nadruk op het terugwinnen van grondstoffen uit bestaand beton. Het bedrijf verwerkt betonpuin tot afzonderlijke bestanddelen die opnieuw als grondstof voor beton kunnen dienen. Toch blijkt de acceptatie van circulair beton niet vanzelfsprekend. Hiskemuller van der Zijden merkte dat de term 'circulair beton' soms onterecht wantrouwen opriep bij klanten.
Hoewel de vraag naar duurzaam beton groeit, zien beide gasten dat de praktijk nog regelmatig achterblijft bij de ambities. Zo worden projecten soms gewonnen op basis van duurzame beloften, terwijl de uitvoering daar niet altijd op aansluit. Volgens Hiskemuller van der Zijden ontbreekt het daarbij aan voldoende controle. Rubbens plaatst ook vraagtekens bij de betrouwbaarheid van duurzaamheidsberekeningen die onderdeel zijn van vergunningaanvragen.
Hoe zorgen we dat circulariteit niet alleen een uitgangspunt op papier blijft, maar ook zichtbaar wordt in het ontwerp, de materiaalkeuze en de uitvoering? En wie controleert of we onze duurzame ambities daadwerkelijk waarmaken? - Hoe zorgen we dat duurzame innovaties in de betonsector sneller worden toegepast? En welke rol spelen nationale regels en gezamenlijke afspraken daarbij? In deze aflevering van In groen beton gegoten gaat Harm Edens in gesprek met Jacqueline Cramer, voorzitter van het Betonakkoord en emeritus hoogleraar Duurzaam Innoveren aan de Universiteit Utrecht, en Kamiel Jansen, adviseur en onderzoeker duurzaam bouwen en deskundige op het gebied van levenscyclusanalyses bij TNO. Over de invloed van regelgeving, de lessen uit het Betonakkoord en de noodzaak om verduurzaming te versnellen.
De betonsector onderneemt meer duurzaamheidsinitiatieven dan ooit. Cramer ziet daarin volop kansen en is ervan overtuigd dat samenwerking de verduurzaming kan versnellen. Jansen erkent de vooruitgang, maar vraagt zich af of de sector in het huidige tempo de klimaatdoelstellingen wel gaat halen.
Het Betonakkoord vormt een belangrijke basis voor die samenwerking. Ruim tachtig partijen uit de hele betonketen maakten afspraken over circulariteit, CO₂-reductie en het gebruik van biomassa. Met als ambitie een CO₂-reductie van 70 procent ten opzichte van 1990. Het bleek niet eenvoudig om met zoveel partijen gezamenlijk stappen te zetten. Toch leverde het akkoord belangrijke inzichten op over de manier waarop gezamenlijke ambities kunnen leiden tot concrete maatregelen en wettelijke eisen.
Volgens Cramer speelt regelgeving een belangrijke rol bij het versnellen van duurzame innovaties. Zij pleit voor de koploper-peloton-aanpak, waarbij vooruitstrevende bedrijven ruimte krijgen om nieuwe oplossingen te ontwikkelen. Door de eisen vervolgens stapsgewijs aan te scherpen, kan de rest van de sector volgen. Zo ontstaat een gezamenlijke beweging richting duurzamer beton.
Jansen onderzoekt ondertussen de milieu-impact van beton gedurende de volledige levenscyclus, van productie en toepassing tot hergebruik en recycling. Daarbij kijkt hij onder meer naar cement, dat een groot aandeel heeft in de milieu-impact van beton, en naar de duurzaamheid van alternatieve bindmiddelen. Want niet iedere innovatie levert automatisch milieuwinst op.
Naast CO₂-reductie vormt ook grondstoffenschaarste een groeiende uitdaging. Via recycling kunnen we een deel van het benodigde zand en grind terugwinnen, maar de mogelijkheden zijn niet onbeperkt. Ook hergebruik van bestaande betonelementen vraagt om zorgvuldige afwegingen, omdat niet ieder element daarvoor geschikt is.
Hoe zorgen we dat nieuwe regels, kennis en samenwerking elkaar versterken? En hoe maken we de stap van vrijwillige afspraken naar een sector waarin duurzaam beton steeds meer de standaard wordt - Hoe zorgen we dat nieuwe, duurzamere betonsoorten niet alleen worden ontwikkeld, maar ook daadwerkelijk hun weg vinden naar de bouwpraktijk? In deze aflevering van In groen beton gegoten gaat Harm Edens in gesprek met Harry Kouwenhoven, betontechnoloog en manager materiaaltechnologie bij BTE Technology Centre, en Niki Loonen, betonspecialist en adviseur research en development civiel bij TBI. Over innovatie, vertrouwen in nieuwe materialen en de samenwerking die nodig is om duurzaam beton op grotere schaal toe te passen.
De betonsector verandert, maar volgens beide gasten gaat dat nog te langzaam. Bestaande normen en veiligheidseisen maken de introductie van nieuwe materialen ingewikkeld. Kouwenhoven pleit daarom al jaren voor een andere manier van beoordelen: niet alleen kijken naar de samenstelling van beton, maar vooral naar de prestaties die het levert. Inmiddels krijgen deze inzichten langzaam een plek in de Europese normen.
Ondertussen werken bedrijven volop aan nieuwe oplossingen. Zo ontwikkelde BTE het alternatieve bindmiddel INVIE. Om vertrouwen in dit materiaal op te bouwen, werkt het bedrijf samen met andere producenten en partijen uit de bouwketen. Een voorbeeld is de ontwikkeling van remontabele duikers, waarbij BTE samenwerkt met TBI, BAM, TNO en ProRail. Door kennis en ervaring te combineren, kunnen innovaties sneller doorgroeien naar praktische toepassingen.
Bij TBI speelt duurzaamheid een steeds grotere rol. Volgens Loonen realiseert het bedrijf inmiddels een CO₂-reductie van veertig procent. Ook adviseert zij architecten, constructeurs en opdrachtgevers over de invloed van hun ontwerpkeuzes en eisen op de duurzaamheid van een bouwwerk. Want de mogelijkheden voor CO₂-reductie hangen niet alleen af van het materiaal, maar ook van de manier waarop we ontwerpen en bouwen.
Hoewel veel bedrijven hun eigen innovaties ontwikkelen, hoeft dat volgens Kouwenhoven samenwerking niet in de weg te staan. Er bestaat immers niet één duurzame betonsoort die voor iedere toepassing geschikt is. Juist door materialen af te stemmen op hun functie en ervaringen met elkaar te delen, groeit het vertrouwen in nieuwe oplossingen.
Beide gasten zien dan ook volop mogelijkheden voor beton in de toekomst. Maar daarvoor moeten we minder materiaal gebruiken, duurzamere bindmiddelen toepassen en blijven onderzoeken hoe beton zelfs CO₂ kan opslaan. De uitdaging ligt vooral in het versnellen van de stap van innovatie naar dagelijkse bouwpraktijk. - Beton, hout of een combinatie van materialen: hoe maak je de duurzaamste keuze voor een gebouw? In deze aflevering van In groen beton gegoten gaat Harm Edens in gesprek met Rob Doomen, partner en adviseur constructies bij Pieters, en Robert Platje, partner en architect bij Mei Architects and Planners. Zij bespreken waarom samenwerking tussen architect en constructeur steeds belangrijker wordt om tot duurzame ontwerpen te komen.
Architecten en constructeurs hebben ieder hun eigen rol, maar juist in de samenwerking ontstaan nieuwe oplossingen. Daarbij draait het volgens Doomen niet alleen om kennis delen, maar ook om openheid over eerdere projecten. Wat werkte goed en wat juist niet? Die ervaringen helpen om bij nieuwe projecten betere keuzes te maken.
Een belangrijke keuze gaat over materialen. Door de toenemende schaarste aan grondstoffen moeten ontwerpteams kritischer kijken naar wat ze gebruiken, hoeveel ze gebruiken en waar materialen vandaan komen. Platje kijkt daarbij ook nadrukkelijk naar de maakbaarheid en het gebruik van hernieuwbare en biobased materialen. Woongebouw SAWA in Rotterdam laat volgens hem zien wat er mogelijk is met hout als belangrijk constructiemateriaal.
Dat betekent niet dat beton uit gebouwen verdwijnt. Doomen verwacht dat beton de komende jaren bijvoorbeeld bij funderingen noodzakelijk blijft. De uitdaging is om dat beton zo duurzaam mogelijk toe te passen en materialen slimmer te combineren: beton waar het moet, andere materialen waar het kan. Hybride bouwen, bijvoorbeeld met houten vloeren, kan het materiaalgebruik en de milieu-impact van een gebouw verminderen.
Ook flexibiliteit speelt een belangrijke rol. Door gevel, draagconstructie, installaties en inrichting zoveel mogelijk van elkaar los te koppelen, kan een gebouw later makkelijker een andere functie krijgen. Zo verlengen we de levensduur en voorkomen we dat gebouwen onnodig worden gesloopt.
Volgens Doomen ligt daarom een belangrijke rol bij onafhankelijke ontwerpteams. Architecten en constructeurs kunnen samen, zonder vooraf voor één materiaal te kiezen, zoeken naar de beste oplossing voor een project. Want verduurzamen vraagt niet alleen om andere materialen, maar vooral om anders ontwerpen, kennis delen en samenwerken.
Meer Technologie podcasts
Trending Technologie -podcasts
Over In groen beton gegoten
In groen beton gegoten is de podcast van de Betonvereniging, gepresenteerd door Harm Edens.In de podcast stellen we vragen over verduurzaming, circulariteit, samenwerking en systeemverandering. Samen met met wetenschappers, architecten, constructeurs, aannemers, technologen en andere experts uit de sector onderzoeken we hoe de betonbouwsector kan verduurzamen.De podcast wordt mede mogelijk gemaakt door Bosch Beton, Rijkswaterstaat, Ecocem, Teunesen en BAM Infra, die de ambitie delen om samen te werken aan een leefbare en toekomstbestendige bouwsector.
Podcast websiteLuister naar In groen beton gegoten, Tech Update | BNR en vele andere podcasts van over de hele wereld met de radio.net-app

Ontvang de gratis radio.net app
- Zenders en podcasts om te bookmarken
- Streamen via Wi-Fi of Bluetooth
- Ondersteunt Carplay & Android Auto
- Veel andere app-functies
Ontvang de gratis radio.net app
- Zenders en podcasts om te bookmarken
- Streamen via Wi-Fi of Bluetooth
- Ondersteunt Carplay & Android Auto
- Veel andere app-functies


In groen beton gegoten
Scan de code,
download de app,
luisteren.
download de app,
luisteren.






































